Het verschil tussen mensen en dieren
Samenvatting:
Agressie tussen leden van dezelfde soort kan gezien worden
als een aanpassing aan en van roofdieren, groepen die falen
in het implementeren ervan sterven uiteindelijk uit en
individuen die er slecht in zijn vallen als eerste.
Dit effect gaat niet langer op als een diersoort technologie
gebruikt.
Introductie in Darwiniaanse evolutie theorie
Darwin heeft één van de belangrijkste wetenschappelijke ontdekkingen
ooit gedaan: hoe het leven zich ontwikkeld onder druk van de omgeving
waarin het verkeerd.
Darwin richtte zijn blik op planten en dieren. Eén van de meest
constante problemen waar alle dieren en planten mee te maken hebben,
is de nabijheid van roofdieren, en de noodzaak van het vangen van
prooi. Een dier of plant kan dan wel zelf geen roofdier zijn, in
bijna alle gevallen ontstaan er brutale gevechten, waar de winnaar
door gaat met leven, en de verliezer eindigt als voedsel.
Er ontstaan doornen aan rozen, omdat de planten die moeilijker te
eten zijn, later zullen worden gekozen als voedsel, of zelfs helemaal
niet meer worden gegeten. De rozen met de grootste doornen overleven
het beste, en die rozen - zelfs van dezelfde soort - met kleinere
doornen, hebben het moeilijker. Logische resultaat is dat de rozen
met de grootste doornen de meeste nazaten krijgen; tenzij de noodzaak
om de strijd tegen roofdieren te winnen in strijd is met andere
noodzakelijkheden. De druk van roofdieren eist van alle diersoorten
om meer en meer dodelijke wapens te produceren in hun lichaam.
Op precies dezelfde manier ontstaan er klauwen, tanden, gif, etc:
wapens. Wapens die een onderdeel zijn van het lichaam van de plant
of het dier. Zelfs als er niet op een dier wordt gejaagd, is het
zeer waarschijnlijk dat dit wel in het verleden gebeurde. Zo zijn de
reptielen van vissen afgestamd, en alhoewel er misschien een reptiel
is te vinden waarop niet wordt gejaagd op dit moment, werd er op
de verre voorouders van dat dier zeer waarschijnlijk wel gejaagd.
De evolutionaire effecten van de roofdier/prooi interactie zitten diep
verweven in alle soorten. Inclusief de mensheid, die pas kort geleden
af is gesplitst van de apen.
Veel dieren gebruiken een truc om zich sneller te kunnen aanpassen
aan gevechten. Stel u twee groepen voor van 1000 dieren, mannetjes en
vrouwtjes, groep 1 en groep 2. Bijvoorbeeld gnoes. We gaan er even van
uit dat de kinderen op de ouders zullen lijken. Beide groepen worden
bedreigt door de gebruikelijk roofdieren: leeuwen, hyena's, krokodillen,
etc. Een gnoe heeft horens, waarmee het zich verweerd bij een aanval.
Groep 1 vormt één op één paartjes, waarbij de gnoes proberen om
kinderen te krijgen van gemiddelde grootte. Een grote gnoe met een
kleine gnoe, en gemiddelde gnoe met gemiddelde gnoe. De kans is dan
groot dat de nieuwe generatie een redelijk gelijke schoft hoogte heeft.
In groep 2 wordt gevochten om het recht kinderen te krijgen.
Iedere mannelijke gnoe probeert zoveel mogelijk vrouwtjes onder
zich te houden, en ze te verdedigen tegen aanvallen van andere
mannetjes. Resultaat is dat de gnoes die het beste in vechten zijn,
de kinderen zullen krijgen, en dat de kinderen dus betere vechters
zullen zijn dan de kinderen van groep 1, waar niet werd getest wie
een goede vechter is. De kinderen lijken immers op de ouders.
De kinderen in beide groepen groeien op in de cultuur en met de
instincten van de groep, en herhalen het gedrag van hun groep tot in
het oneindige, voor miljoenen jaren. Beide groepen worden steeds
beter in vechten (gebruik en vorm van hun horens, schoppen, bijten
etc), omdat in beide groepen de roofdieren de zwakke vechters er
eerder uit halen. Ook in groep 1 betekend dat dus, dat de slechtste
vechters geen kinderen meer krijgen.
Echter: de ontwikkeling in groep 1 gaat veel langzamer in de richting
van goede vechters. In groep 2 wordt niet gewacht op de acties van de
roofdieren, er wordt meteen gevochten en uitgemaakt wie de beste kansen
heeft op succesvolle kinderen. Waar groep 1 misschien de slechtste 1%
vechters kwijtraakt als invloed op de volgende generatie, daar laat
groep 2 alleen de sterkste 10% vechters toe, en verliest ook haar
slechtste 1% vechters aan roofdieren.
Technologie
Sinds de mens lang geleden begon met het gooien van stenen naar
roofdier en prooi, heeft de mens de beschikking over een geheel nieuw
wapenarsenaal. Een wapenarsenaal dat niet vast zit aan het lichaam,
zoals doornen aan een roos, of tanden aan een schedel.
Dit heeft voor een fundamentele verandering gezorgd in de omgeving
waarin de mensheid leeft. Waar er vroeger miljoenen jaren overheen
konden gaan voordat een wapen iets beter werd, dit nu een bewust
cultureel en creatief proces is. Waar het vroeger noodzakelijk was om te
vechten om sneller betere wapens te ontwikkelen, om zo andere dieren
die hetzelfde doen voor te blijven, daar is die noodzaak nu verdwenen.
De mens werd steeds machtiger, tot het zo machtig was dat ook de zwakste
vechters niet meer routinematig worden opgegeten door roofdieren, en geen
last meer hadden van hun zwakke vecht eigenschappen bij het vinden van
prooien/planten. De roofdieren zitten tegenwoordig achter tralies in
een dierentuin of zijn op TV, of op zijn minst kan men een vuurwapen
bij zich dragen als men het nodig vind om de wildernis zelf te
verkennen. De prooi dieren liggen netjes ingepakt in de diepvries
van een winkel.
Waar de niet getalenteerde en minder vechtlustige mensen dus niet meer
afsterven door externe factoren, daar sterven agressieve mensen aan
de gevolgen van door hunzelf veroorzaakte agressieve activiteiten.
In het verre verleden was dit een kleine prijs, het waren toch de wat
mindere vechters die stierven in gevecht met de betere. Maar omdat
nu de niet of mindere vechters niet meer afsterven zoals vroeger,
ontstaan er twee groepen: een groep die vecht om dominantie, en een
groep die dat minder of niet doet. Alhoewel de dominantie groep in
principe iedereen aanvalt, heeft deze groep in principe te maken
met een hogere frequentie van gewelddadige confrontaties, en lokt
ook meer agressie uit. De Darwiniaanse (gepopulariseerde) regel lijkt
dus op zijn kop gezet te zijn, dankzij technologische ontwikkeling:
niet langer `overleving van de sterkste', maar `uitroeiing van hen
die dominantie nastreven via geweld/deceptie', `uitroeiing van de
sterke vechters'.
Conclusie
Uit het bovenstaande kan geconcludeerd worden, dat wedijver tot de
dood, vechten om dominantie, vechten om de controle te verkrijgen
over een zo groot mogelijk gebied, hebzucht en machtshonger, allemaal
gereduceerd kunnen worden tot gedragingen die thuis horen bij een
diersoort die interne vechtpartijen stimuleert om zo haar overleving
te bevorderen in een omgeving waar gewelddadige confrontaties regel
zijn. Het is moreel "goed" voor je diersoort om een agressief dier
te zijn, en om je rivalen te overheersen waar het gaat om territorium
en kinderen krijgen.
De situatie voor de mensheid veranderd steeds meer, naarmate de
technologie vordert. Hoe minder de technologie het lichaam nog nodig
heeft, hoe minder zinnig het interne geweld wordt, en hoe groter de
dominantie van de mensheid, hoe minder we nog betere wapens nodig
hebben. De mensheid heeft recent een nieuwe kwalitatieve sprong
gemaakt op dit gebied: niet alleen is het interne geweld niet langer
erg bruikbaar om onze wapens te ontwikkelen, onze wapens zijn nu
zo destructief geworden dat ze vrijwel het enige zijn dat ons nog
kan bedreigen.
Van een noodzakelijkheid voor de overleving, via iets dat overbodig
was, is het interne geweld nu onze grootste vijand geworden.
Op een bepaalde manier is deze situatie erg elegant. Als de mensheid
blijkbaar zo veel plezier heeft in het interne geweld (misdaad, oorlog),
dan vernietigt zij zichzelf waarschijnlijk. Zodat er alleen nog niet
technische dieren overblijven op aarde, waar dit geweld op zijn plaats
is, en kan worden genoten zonder het gevaar van een wereldwijde ramp
als één gnoe een stuk grond van een andere wil afpakken. Technologie
en oorlog gaan uiteindelijk niet samen, het is een keuze tussen één
van beiden. Een wereld ten diepste gebaseerd op interne wedijver,
is een wereld die de psychologie van oorlog koestert. Het zou alleen
een kwestie van tijd kunnen zijn voordat deze psychologie echte
oorlogen produceert, en de vernietiging van de enige technologische
soort op aarde.
Bovenstaande suggereert ook, dat een psychologie van solidariteit
met alle mensen, het enige is dat wetenschappelijk houdbaar is, en
de enige logische grondslag is van een mensen maatschappij (maatschappij
van technologische dieren).
De mensheid zal de `strijd om het bestaan' winnen, als het stopt met
vechten.
2 Juli 2006
J.H.Boersema
Bijvoegsel 1: Categorie menselijke wapens
Stadium 1: Interne oorlog is gunstig voor het overleven van de mensheid
Wapen: Ontstaan: Type: Destructie:
-------------+------------------+------------------+---------------------
* tand/beet | sinds | lichaam | scheuren in enkele
| dieren met | onderdeel | decimeters
| tanden/bek | | Afstand: nul
-------------+------------------+------------------+---------------------
* vuist | -idem- | -idem- | bloeduitstortingen in
| | | enkele centimeters
| | | Afstand: nul (1 meter)
-------------+------------------+------------------+---------------------
Stadium 2: Interne oorlog werkt gunstig, maar is geen noodzaak
Wapen: Ontstaan: Type: Destructie:
-------------+------------------+------------------+---------------------
* werp steen | lang lang | gevonden object | Destructie van
| geleden | plus spierkracht | 1 liter materiaal
| | | Afstand: 20 meter
-------------+------------------+------------------+---------------------
* knots | heel erg lang | gemaakt object | Destructie van
| geleden | plus spierkracht | 1 liter materiaal
| | | Afstand: 1 meter
-------------+------------------+------------------+---------------------
* speer | heel erg lang | gemaakt object | Destructie van
| geleden | plus spierkracht | 1 liter materiaal
| | | Afstand: 40 meter
-------------+------------------+------------------+---------------------
* pijl en boog| lang geleden | gemaakt object | Destructie van
| | plus spierkracht | .5 liter materiaal
| | | Afstand: 150 meter
-------------+------------------+------------------+---------------------
Stadium 3: Interne oorlog is meestal ongunstig, en niet noodzakelijk.
Wapen: Ontstaan: Type: Destructie:
-------------+------------------+------------------+---------------------
* chemische | voordat onze | gemaakt object | Destructie van
reactie | grootvaders | plus chemische | 10x10x10 meter
bom | waren geboren | kennis | (variabel meer/minder)
| | | Afstand: variabel
-------------+------------------+------------------+---------------------
* automatische| eeuwen geleden | metaal en | Destructie van
steen werper| | chemische kennis | .1 liter materiaal
"geweer" | | kennis | Afstand: 100 meter
-------------+------------------+------------------+---------------------
* strijd gas | eeuwen geleden | chemische kennis | Destructie van
| | | tientallen levens
| | | Afstand: 1 kilometer
-------------+------------------+------------------+---------------------
* automatische| eeuw geleden | metaal en | Destructie van
bom werper | | chemische kennis | 10x10x10 meter
"houwitser" | ?| | Afstand: 50 kilometer
-------------+------------------+------------------+---------------------
Stadium 4: Een einde aan interne oorlog is noodzakelijk voor overleven
(oorlog is gekte).
Wapen: Ontstaan: Type: Destructie:
-------------+------------------+------------------+---------------------
* nucleaire | decennia geleden | chemische plus | Destructie van een
splitsing | | elektronische | gebied of grote stad
bom | | kennis |
| | | Afstand: wereldwijd
-------------+------------------+------------------+---------------------
* nucleaire | decennia geleden | chemische plus | Destructie van een
fusie bom | | elektronische | regio of meer,
| | | potentieel geen limiet.
| | kennis | Afstand: wereldwijd
-------------+------------------+------------------+---------------------
... ... ... | ...
-------------+------------------+------------------+---------------------
Dit theoretische perspectief suggereert dat de mensheid ver achter is
met de noodzakelijke psychologische aanpassing. In het ideale geval is
oorlog ten einde - en kan het ook ophouden - voordat Stadium 4 aanbreekt
(logischerwijs). Het doorgaan met oorlog suggereert dat de mensheid een
diepe wens koestert om weer een gewoon dier te zijn, iets wat door deze
oorlog bewezen en bewerkstelligt kan worden.
Bijvoegsel 2: Poging de dierlijke versus menselijke morele code te
definiëren
Definiëren van de namen: de naam "dierlijke morele code" is
waarschijnlijk te breed, omdat niet alle dieren het noodzakelijk
toepassen, en omdat veel mensen het ook volgen. Een meer precieze
definitie zou kunnen zijn ``morele code voor wezens die in een wereld
leven waarin ze moeten vechten met hun naakte lichamen als één van
vele soorten'', ``gewelddadige naakte heterogene morele code''. In
zulke omstandigheden zal ellebogen werk, het bepalen van dominantie
hiërarchie op basis van de relevante onderdelen van lichamelijke kracht
voor die soort, een reden voor succes voor die soort zijn. Deze
`naakte morele code' kan ook worden geïndividualiseerd: zolang
als dominantie toegestaan wordt te bestaan, hebben zij die worden
gedomineerd tenminste een kans om te dromen van het zelf worden
van het dominante individu ("de baas"). Op deze manier creëert de
`naakte morele code' niet alleen het lange termijn succes van de soort,
maar onmiddellijke betekenis voor alle individuen, ook als ze worden
onderworpen of zelfs vernietigd in het proces. `Iedereen kan ervan
dromen om macht te verzamelen en dan vele anderen te onderwerpen.'
Omdat veel mensen de ``naakte gewelddadige morele code'' onderschrijven
- en soms zelfs een ecosysteem van geweld produceren uit het niets,
waarin alleen de meest gewelddadige overleven - is de "menselijke
(homo sapiens) morele code" een mengeling van `naakte morele code'
en iets dat zich nog niet volledig ontwikkeld heeft, en daarom
moeilijker is om te definiëren. Eén manier om het te definiëren
is als het tegenovergestelde van de `naakte code' (naakt als in
niet-technologisch). Dan is het de afwezigheid van intern geweld
binnen de soort.
Omdat natuurlijke evolutie en het verspreiden van succesvolle
oplossingen niet stopt (niet moet stoppen?) nadat de `naakte
moraliteit' is overwonnen (als ooit), lijkt er een grijs gebied
te zijn: competitie. Een redelijk antwoord hierop kan wellicht
gevonden worden in de twee poten waarop de natuurlijke evolutie
rust: sterfte en populariteit. In de naakte dierenwereld zijn beide
belangrijk, en is `populariteit' meestal afhankelijk van de verwachtte
overlevingskansen. Onder een ``technisch homogene (één technische
diersoort) morele code'', als intern geweld niet meer voorkomt, zorgt
de absolute dominantie via techniek over de rest van de natuur dat
sterfte geen factor in het leven meer is. Iedereen overleeft, sterk
of zwak. Dit laat de `populariteit' tak van de evolutie over. Omdat
`overleving' niet langer een factor is in het definiëren van hoe
populair iets is, wordt de meer algemene factor `genereert een goed
gevoel' factor waarschijnlijk effectiever. Overleving zelf is een reden
voor `blijdschap' (geluk, plezier, etc), dus dit meer algemene principe
werd al toegepast, maar werd vervormt in de richting van overleving.
De competitie - voor zover de competitie zelf populair is, een bron
van `voorspoed/geluk' - wordt toegepast met het correcte begrip van
de omgeving waarin het bestaat. Het praktische resultaat hiervan is,
dat de diversiteit en competitie onder een technische morele code
even hevig zou kunnen zijn. Maar het gaat niet over tot lichamelijk
geweld en lichamelijke overheersing, het limiteert zichzelf tot het
gebied van `populariteit'.
Bijvoegsel 3: Verenigen van alle Religies en de Wetenschap
Opmerking: Ik kan me voorstellen dat dit iets teveel van het goede is
voor sommige mensen. Het is allemaal maar speculatie.
Verenigen van alle Religies en de Wetenschap
Het bovenstaande argument, dat een diersoort die eerst vooral bezig
was met geweld door de aanwezigheid van roofdieren, vredelievend wordt
op het moment dat het technologie gaat ontwikkelen, en uiteindelijk
ofwel zichzelf vernietigd op het moment dat het daar in staat toe
is, ofwel naar de sterren afreist met die technologie, kan uiteraard
toegepast worden op ieder ecosysteem dat genoeg lijkt op de aarde.
Ecosystemen met objecten om technologie mee op te bouwen. Zulke
ecosystemen zijn nog niet ontdekt, maar volgens de astronomie is dit
een kwestie van tijd.
De meeste moderne religies verheerlijken één God "uit de hemel", "van
boven", of meerdere. De meeste (zo niet alle) moderne religies laten zich
er op voorstaan dat ze naar vrede toewerken. Alle religies laten hun
gelovigen verschillende rituelen uitvoeren, dit mogelijk met vrede als
doelstelling.
Het idee dat uit de wetenschap ontstaat is dat technisch geavanceerd leven
waarschijnlijk in het heelal bestaat (ergens, gegeven de grootte ervan).
Gezien de algemeenheid van het bovenstaande argument, kunnen we verwachten
dat deze levensvormen ook vredelievend worden door hun technologie, zoals
ons (als ze ooit agressie ontwikkeld hebben tenminste). Of, als ze niet
vredelievend worden, dat ze zichzelf dan vroeger of later zullen
vernietigen. Dit leidt tot de conclusie, dat levensvormen die in staat
zijn van ster naar ster te reizen, vrijwel zeker vredelievend onder elkaar
zijn.
De overeenkomsten tussen dit verhaal over niet Aards leven, en de
Goden van de meeste religies, zijn opmerkelijk. Buitenaards leven
met hoogwaardige technologie (zie onze eigen toekomst), zou zeker in
de categorie van almachtig kunnen vallen, en alwetend. Tot nu toe
was er een moreel gat tussen religies en de wetenschap, waar de
religies beweerden dat de goden goed waren (de meesten althans),
en de wetenschap zich hier weinig gedachten over had gevormd. Dit
gat is nu opgelost.
Omdat wetenschap zelf de waarheid en technologische vooruitgang aanbidt,
aanbidt het ook "hemel goden", in principe. Vele moderne religies
laten niet toe dat hun goden worden afgebeeld, of suggereren dat ze
niet afgebeeld kunnen worden; het ligt voor de hand om te zeggen dat
ook zij een principe aanbidden, "het principe van wezens die van ster
naar ster kunnen trekken".
De theorie van `hemel en hel' in religies past keurig in dit
schema, alhoewel met meer detail, geloofwaardigheid en vrijheid in de
beredeneerde theorie, dan in het religieuze dogma. In het evolutionaire
schema worden dieren met slechte vecht eigenschappen sneller gedood
door roofdier soorten (en andersom), en zulke dieren hebben
waarschijnlijk een lagere rang in een pikorde die met geweld
wordt bepaald. Zelfs als een diersoort - de mensheid - alle
andere dieren heeft overwonnen met technologie, maar desondanks
zo gewelddadig blijft dat het de minst gewelddadige leden blijft
vermoorden bij het bepalen van de pikorde van macht - of misschien
bij het in stand houden van het bestaan van de pikorde zelf -, dan
ontstaat er wellicht nooit een verandering naar minder geweld, er
ontstaat wellicht nooit een reservoir van meer vredelievende en goed
overlevende individuen. In zo'n (theoretisch) geval, zou het effect
op lange termijn waarschijnlijk het uitsterven van deze diersoort
zijn. Dit zou een hel zijn. Het tegenovergestelde is logischerwijs,
dat vredelievende mensen ontstaan in steeds grotere aantallen,
terwijl de agressieven uitsterven. Het effect hiervan zou zijn dat het
technologie kan bezitten die de aarde kan vernietigen, het zou eeuwig
kunnen overleven, misschien zelfs als de aarde al weg is. Dit zou
de hemel zijn, daar zou de mensheid dan ook echt zijn (ruimte reizen).
Een wat minder positieve overeenkomst tussen religies en de wetenschap:
beiden hebben bovenstaande redenering niet als dogma of ontdekking
bekendgemaakt. Beide hebben een leiding die erg effectief is gebleken
in het uitsluiten van ongewenste ideeën, en beiden trainen mensen in
hun leer school (niet zozeer mensen trainen in zelf nadenken, maar
meer het uit je hoofd leren van wat de leraren claimen *)). Ze zijn
hoog opgeklommen op de sociale ladder, hebben relatief meer macht en
geld dan de meesten (exclusief andere clubs die op macht drijven,
zoals bedrijvigheid, de financiële sector en de criminaliteit). De
bovenstaande ontdekkingen keren de sociale ladder op zijn kop:
hoe hoger iemand er in is opgeklommen, de meer een mislukking zo
iemand is (de meer behoefte aan dominantie en status waarvoor anderen
minder moeten lijken en/of arm moeten zijn, de meer iemand een simpel
dier lijkt te zijn). Het is mogelijk, dat de posities van macht het
onmogelijk hebben gemaakt voor de verschillende clubs van machtige
mensen om bovenstaande te ontdekken, te overdenken, of te delen met
anderen als ze geloofden dat het waar was (misbruiken voor macht zou
nog kunnen, iets dat uiteraard tegen de theorie zelf indruist).
*) Het is wellicht niet mogelijk om iemand te leren zelf na te denken.
De beste manier is misschien wel om iemand een hoop onzin bij te
brengen, in de hoop dat er ooit ergens een lichtje gaat branden.
Bijvoegsel 4: "Buiten aards leven"
Uiteraard kunnen de bovenstaande wetten voor de ontwikkeling in principe
worden toegepast op andere ecosystemen, vooral omdat ze de mogelijke
oorzaak van geweld aanwijzen. Wanneer bovenstaande wordt toegepast op
een theoretische technologische diersoort ergens in de ruimte, dan kunnen
we verwachten dat als deze soort in staat is onze planeet te bereiken
het al aangepast is aan de technische morele code.
1. Om de aarde te bereiken moet men niet alleen in staat zijn om te reizen
tussen de planeten rond de thuis ster, maar ook naar andere sterren.
Dit betekend dat die soort al heel lang extreem machtige technologie
moet hebben gehad -- waarschijnlijk genoeg tijd om zichzelf te vernietigen
voordat het een andere ster bereikt.
2. Wanneer een soort technologisch wordt, zal haar wetenschap waarschijnlijk
ook ontwikkelen. Daardoor zou het tot dezelfde als bovenstaande conclusies
kunnen komen, en de begrensdheid van de dierlijke moraliteit begrijpen,
en waarom het geen toekomst heeft.
3. Wanneer een soort in staat is om andere sterren te bereiken, dan kan het
ook de planeten om die andere sterren bereiken. Dit kan het in theorie
in contact brengen met andere vormen van leven.
A. Als een soort nog altijd agressief is, dan zal het vanzelfsprekend
de oorlog verklaren. Deze oorlog zal gegeven het technisch niveau
extreem destructief kunnen zijn, en wellicht uitroeiing of terug
werping tot het begin van de steentijd tot gevolg hebben.
B. Als de soort niet agressief is, is het waarschijnlijk dat het een
binding aangaat met andere niet agressieve soorten, voor wederzijds
voordeel. Zulke coöperatieve allianties zullen constructief zijn,
terwijl agressieve soorten hiertoe minder of geheel niet toe in staat
zijn. Dit betekend dat coöperatieve groepen (in theorie) een steeds
grotere technologische voorsprong verkrijgen.
4. Als een agressieve soort de sterren bereikt, en ze is het eerste in het
heelal die dit doet, dan is het nog altijd gelimiteerd tot het thuis
sterren stelsel. Om andere sterrenstelsels te bereiken zal eerst
waarschijnlijk nog onmogelijk zijn vanwege de grotere afstand, het
kost tijd om de technologie te ontwikkelen (als het al mogelijk is).
De stappen nu bekend zijn: planeet, zonnestelsel, sterrenstelsel,
sterrenstelsel-cluster, sterrenstelsel-cluster-cluster (super cluster).
Een agressieve soort heeft een langzamer ontwikkeling: grote kans op
zelf destructie, extra werk vanwege het uiten van de agressie, geen
kansen op respectvolle samenwerking met andere soorten, confronteren
van de activiteiten van niet-agressieve soorten en allianties van
niet-agressieve soorten op potentieel ieder niveau van ontwikkeling
(inter stellair, inter sterren stelsel, inter cluster, inter super
cluster, ...). Omdat het niet onmiddellijk het gehele bestaande
universum kan domineren, zal de agressieve soort vroeg of laat
ingehaald worden.
Conclusie: culturele producties die inter stellaire "aliens" als onderwerp
hebben, zijn waarschijnlijk grotendeels gebaseerd op projecties van de
menselijke psyche zelf. Vanwege het weergegeven geweld en militarisme,
lijken dergelijke series het leven op aarde weer te geven zoals het
zou zijn na een uitsterven van de mensheid: een terug werping naar het
verre verleden, voordat technologie bestond. Dit wordt onderstreept door
het type beslissingen waar het om draait in dergelijke series: het zijn
het type beslissingen die dieren in de natuur ook moeten maken, ``waar
vind ik voedsel, hoe ontwijk ik dat roofdier, wie is gevaarlijk''.